aquariumtrends logo 1
Search
Generic filters

FAQ

FAQ

Veelgestelde vragen

We helpen je graag

Op deze pagina vind je antwoorden op veelvoorkomende vragen. Staat je antwoord er niet bij? Dan helpen we je ook graag persoonlijk verder!

Kijk hier voor tips over de aanleg van aquaria. Ben je op zoek naar inspiratie voor jouw aquarium? Kijk dan hier of op Pinterest of ga naar een aquariumspeciaalzaak of tuincentrum.

Het is belangrijk dat een aquarium niet te veel licht van buitenaf krijgt. Hoe donkerder het aquarium staat, hoe beter, want buitenlicht veroorzaakt veel algenproblemen. Vermijd direct zonlicht zeker!

 

Zet het aquarium bij voorkeur op een rustige plaats waar je er het meeste plezier aan beleeft. Als het aquarium op een rustige plaats staat, hebben de vissen ook minder last van stress. Minder stress betekent gezondere vissen.

 

Zet het aquarium ook op een veilige plaats. De ondergrond moet effen, waterpas en stevig genoeg zijn. Een groot aquarium weegt namelijk al snel een paar honderd kilo.

Dat valt best mee. Af en toe nuttig en gericht onderhoud kost niet veel tijd. Dit komt erbij kijken:

 

  • Dagelijks vissen voeren en genieten van jouw mooie vissen
  • Wekelijks de voorruit schoonmaken met een magneet of spons
  • Reinig of vervang het filter 1 keer per maand (afhankelijk van het type en de capaciteit van het filter)
  • Bijvullen van het verdampte water of een beetje verversen
  • Planten snoeien als die te hoog en te dicht zijn geworden

In principe geldt: hoe groter, hoe beter, maar de meeste mensen beginnen met een aquarium van 60 cm (ca. 60 liter). Dit is prima voor veel kleine vis- en garnalensoorten, maar te klein voor sommige gangbare vissoorten. Aquariums vanaf zo’n 100 liter maken het verzorgen van meer en/of grotere vissen mogelijk.

 

Goede aquaristiek - ofwel het houden van aquariumvissen en aquariumplanten - is in kleinere aquariums ook goed mogelijk. Toch zijn grotere aquariums makkelijker in onderhoud en verzorging, en stabieler in waterwaarden en temperatuur. Bovendien kun je er meer vissen en planten in plaatsen.

Ja, want echte aquariumplanten zorgen voor zuiver water en goede waterwaardes. Echte planten nemen veel afvalstoffen op uit het water, zoals nitraat en fosfaat. Echte planten, vooral snelgroeiende planten, zetten ook veel meer Co2 om naar zuurstof. Hoe zuurstofrijker het water, hoe gezonder. In tegenstelling tot wat sommige mensen denken, ontwikkelen algen zich minder vlug in een aquarium met echte planten dan in een aquarium met plastic planten!

 

Echte planten in je aquarium zorgen dus voor een mooier en stabieler aquarium, waar minder snel problemen zullen opduiken!

Een aquarium kan direct worden ingericht met bodem, decoratiematerialen en planten. Alle techniek zoals filter, verwarming en verlichting wordt ook direct geïnstalleerd en in gebruik genomen. Het is raadzaam om het aquarium op te starten met een goede bacteriecultuur en dan minimaal 2 tot 3 weken te wachten met het uitzetten van de vissen. Als er geen beginstoffen zoals ammoniak of nitriet meer meetbaar zijn, dan heeft het aquarium voldoende zuiverende bacteriën.

Dat is afhankelijk van de inrichting van het aquarium en het soort verlichting. Een aquarium met echte planten moet minstens zes uur per dag kunstlicht hebben voor een gezonde plantgroei. In de winter mag dat ongeveer tien uur zijn. De planten geven aan of de belichtingsduur en sterkte overeenkomen met hun behoefte.

Voor zoetwatervissen geldt de vuistregel: één centimeter vis per liter water, maar dat is ook afhankelijk van de inrichting. Alle decoratie-elementen nemen namelijk ook zwemruimte voor vissen in. Hou ook rekening met vissen met territoriaal gedrag, en of ze solitair of in school leven. Daarnaast is een goed filter van groot belang, dat afgestemd is op de grootte van het aquarium.

 

Het beste advies is om het visbestand voor een gezelschapsaquarium langzaam op te bouwen. Observeer de vissen dan op hun gezondheid en gedrag. Ze laten zelf wel merken of ze goed gedijen in het aquarium of niet!

Dat is afhankelijk van het soort vis en het soort voedsel. Geef in ieder geval niet te veel. Voeder ze twee tot drie keer per dag, maar telkens heel kleine porties. Het voer moet binnen tien seconden verdwenen zijn, en vlokkenvoer mag niet zinken! Zinkend voer zoals granulaat of diepvriesvoer mag de bodem in feite niet raken. Ontdooi het diepvriesvoer eerst en spoel het uit onder de kraan voordat je begint met voederen. Bodembewoners, zoals bodempoetsers, algeneters of modderkruipers voer je maar twee tot drie keer per week met speciaal daarvoor ontworpen tabletten of ‘wafers’. Zo voorkom je dat ze lui worden en daardoor minder poetsen of opruimen.